Encephalitozoӧn Cuniculi, vaak afgekort als E.C., is een protozo, een eencellig organisme dat veel wegheeft van een schimmel en ziekte kan veroorzaken bij konijnen. 

Een konijn dat geïnfecteerd is met E.C. hoeft geen symptomen te hebben en kan de ziekte op deze manier ook ongemerkt overbrengen naar andere konijnen. Als een konijn wel ziek wordt kunnen de verschijnselen sterk variëren: onder andere hersen- en zenuwverschijnselen, blaas- of nierproblemen, oogproblemen en vermageren kunnen dan worden gezien. De behandeling van E.C is erg intensief en ook de omgeving dient behandeld te worden om de infectie te bestrijden en nieuwe besmettingen te voorkomen.


Hoe komt een konijn aan E.C.?
Encephalitozoӧn Cuniculi wordt verspreid doordat besmette konijnen infectieuze sporen via hun urine uitscheiden. Deze besmette konijnen kunnen zelf verschijnselen van de ziekte vertonen, maar ook symptoomloze dragers zijn. De besmette urine maakt onder andere het drinkwater, de bodembedekking, het voedsel en de vacht van het konijn ook infectieus.

Deze sporen kunnen door een konijn worden opgenomen via de mond en het maagdarmkanaal, door de lucht via slijmvliezen zoals de neus- en oogslijmvliezen maar ook via de bloedbaan van een moederdier naar ongeboren vruchten in de baarmoeder.

Na opname via onder andere darm-, neus- of oogslijmvlies komt de infectieuze spore in het bloed in contact met afweercellen. De spore laat zich daardoor opnemen en door het lichaam verspreiden en zoekt op deze manier bepaalde voorkeursplekken op: het centraal zenuwstelsel, de ogen, de nieren en het hart. Daar vermeerdert de parasiet zich in de cellen en vormt na vermeerdering weer nieuwe infectieuze sporen, die via de urine worden uitgescheiden.

Er kunnen verschillende scenario’s optreden bij een infectie met E.C.:

  • De afweerreactie van het lichaam verloopt perfect en de parasiet wordt opgeruimd → er treedt genezing op.
  • De afweerreactie van het lichaam is net onvoldoende om de parasiet te verdrijven → het konijn wordt een symptoomloze drager en vertoont zelf geen verschijnselen, maar kan tot levenslang infectieuze sporen uitscheiden.
  • De afweerreactie is vaak onvoldoende en te heftig, waardoor ernstige ontstekingsprocessen ontstaan in de aangetaste organen en de parasiet aanwezig blijft → het konijn vertoont zelf verschijnselen, die sterk kunnen variëren.

Wat zijn de verschijnselen van een infectie met E.C.?
Encephalitozoӧn Cuniculi kan dus op veel plaatsen in het lichaam klachten veroorzaken, die niet erg specifiek zijn en dus ook bij andere aandoeningen kunnen passen. Op de plaats waar de protozo zich genesteld heeft reageert het lichaam met een ontstekingsreactie. De locatie en heftigheid van deze reactie bepalen de aard en ernst van de ziekteverschijnselen, dit kan sterk variëren per konijn.
Wanneer E.C. zich in het zenuwstelsel bevindt kunnen neurologische verschijnselen worden gezien zoals gedragsveranderingen, verlamming van de achterpoot, blaasverlamming, een scheve kopstand en slechte coördinatie. Oogafwijkingen kunnen bestaan uit staar oftewel vertroebeling van de lens en ontstekingen in de oogbol. Wanneer de parasiet zich in de nieren heeft genesteld kunnen vermagering, verminderde of geen eetlust en veel drinken en plassen worden gezien. Als het hart is aangetast kunnen verschijnselen variëren van sloomheid tot acute sterfte.

De diagnose van E.C.
Omdat de verschijnselen bij een infectie met Encephalitozoӧn Cuniculi enorm uiteen kunnen lopen, niet erg specifiek zijn en voor kunnen komen bij veel meer aandoeningen, is het stellen van de diagnose op basis van alleen de verschijnselen erg lastig. Door middel van bloed- en urineonderzoek kunnen antilichamen tegen E.C. worden aangetoond. Deze antilichamen worden pas 2 tot 5 weken na besmetting door het lichaam aangemaakt. Daarnaast duurt het na het opsturen van het materiaal vaak nog één tot twee weken tot de uitslagen van de testen binnen zijn. Daarom wordt vaak gekozen om de behandeling tegen een E.C. infectie al te starten voor het bevestigen van de diagnose. Bij het aanslaan van de behandeling wordt de bloedtest soms achterwege gelaten, dit wordt natuurlijk altijd in overleg met de konijneneigenaar besloten.

De behandeling van een E.C. infectie
Omdat Encephalitozoӧn Cuniculi in de omgeving van een konijn voor kan komen en konijnen niet altijd symptomen hebben als ze de infectie bij zich dragen, is een infectie met E.C. moeilijk te bestrijden. De behandeling dient dan ook grondig en langdurig te worden gegeven.

Bij een vermoeden van een besmetting met Encephalitozoӧn Cuniculi starten we dus direct de behandeling. Om de ontstekingsreactie tegen te gaan wordt er begonnen met het toedienen van corticosteroïden gedurende één tot twee weken. Hierna wordt overgegaan op het geven van een pijnstiller met ontstekingsremmende werking. Indien nodig worden ernstige verschijnselen als neurologische klachten en oogbeschadigingen ook behandeld en wordt het dier ondersteund met voeding- en vochttoediening.

De parasiet zelf wordt bestreden met de stof fenbendazol. Deze behandeling duurt 2-3 maanden en gedurende de eerste twee weken wordt een dubbele dosering hiervan gegeven. In bepaalde gevallen is het nodig om deze behandeling te herhalen. Bij hardnekkige infecties kan de behandeling elk half jaar worden herhaald en bij stresssituaties voor het konijn (operatie, verhuizing, nieuwkomer) wordt ook aangeraden de behandeling nogmaals te herhalen.

Behandeling van de omgeving bij een E.C. infectie
De sporen van Encephalitozoӧn Cuniculi kunnen tot 6 weken infectieus aanwezig blijven bij kamertemperatuur, en bij koele en vochtige omstandigheden zelfs enkele maanden. Wanneer een konijn los in de tuin of in huis rondloopt en hij of zij geïnfecteerd blijkt te zijn met E.C., zal het hele huis dus besmet zijn.

De E.C. sporen kunnen niet goed tegen hitte, alcohol en bleekwater. Wanneer wordt gestart met de behandeling tegen E.C., ongeacht of de infectie daadwerkelijk is aangetoond, adviseren wij om de omgeving van het konijn ook mee te behandelen. Hiervoor moet het hele verblijf van het konijn worden leeggehaald. Het gehele verblijf en alle attributen en onderdelen waar het konijn contact mee heeft gehad moeten huishoudelijk worden gereinigd met warm water en allesreiniger. Hierna dienen het verblijf en de attributen te worden nagespoeld met warm schoon water. Na het drogen moet er nog daadwerkelijk worden gedesinfecteerd: hiervoor kunnen het verblijf en eventuele losse onderdelen worden behandeld met verdund chloor oftewel bleekwater. Laat dit 15-30 minuten intrekken en spoel alles goed na met warm water.