Openingstijden: 
9 uur tot 19.00 uur

Behandeling volgens afspraak

Telefoon: 030-2615192

Bij SPOED na 19.00 uur en in het weekend: 0900-2223000

 

Gebitsaandoeningen komen veel meer voor bij katten dan men denkt.

Bij meer dan 75% van de katten zie je rond de leeftijd van 2 a 3 jaar al problemen zoals tandsteen en tandvleesontsteking ontstaan. Zonder behandeling kunnen gebitsaandoeningen op den duur leiden tot verlies van tanden en kiezen en zelfs tot ontstekingen elders in het lichaam. Het is dus belangrijk voor de gezondheid van de hele kat om vroegtijdig in te grijpen. Sommige gebitsproblemen kunnen worden voorkomen door een goede en regelmatige gebitsverzorging en door het geven van speciale gebitsverzorgende voeding.

 

Het gebit van de kat

Bij de geboorte hebben kittens nog geen tanden en kiezen. Het melkgebit komt in de tweede levensweek door. Deze tijdelijke tanden en kiezen zijn kleiner en zachter dan het blijvende gebit en bestaat uit 26 tanden en kiezen. Het wisselen begint als het kitten ongeveer 3 maanden oud is, waarbij de snijtanden als eerste worden vervangen. Tijdens het wisselen kan het tandvlees wat gevoeliger zijn, waardoor het kitten tijdelijk wat minder makkelijk kan kauwen. Dit gaat snel weer voorbij. Het wisselen is voltooid op de leeftijd van ongeveer 6 maanden. Het kitten heeft dan zijn blijvende gebit, dat bestaat uit 30 tanden en kiezen. Soms verloopt het wisselen niet goed en blijven melktanden achter. Het is daarom verstandig het gebit van uw kitten na het wisselen zo rond de leeftijd van 6 a 7 maanden even door de dierenarts te laten controleren. Dat is meteen een mooi moment om advies te krijgen over de gebitsverzorging van uw kat. Hoe eerder u begint des te gemakkelijker het later gaat en dat verkleint de kans op problemen.

 

Tandplak en tandsteen
Tandplak wordt gevormd door bestandsdelen in het speeksel. Het vormt een dun, plakkerig laagje op de tanden en kiezen. Tandplak bevordert de groei van bacteriën, wat leidt tot ontsteking van het tandvlees (gingivitis). Ontstoken tandvlees ziet er rood uit en bloedt snel bij aanraking. De ontsteking is de oorzaak voor de slechte adem. Tekenen dat er gebitsproblemen kunnen zijn, zijn:  een slechte adem, moeite met eten, overmatig speekselen (kwijlen) en uiteindelijk het verlies van tanden en kiezen.
Als tandplak niet dagelijks wordt verwijderd gaat het met het calcium in het speeksel reageren en ontstaat er tandsteen. Tandsteen kun je zien als een geelbruine aanslag op de tanden en kiezen. Tandsteen gaat tegen het tandvlees aandrukken en dat reageert met ontsteken. Zonder behandeling breidt de ontsteking zich verder uit onder het tandvlees en naar de gebit-ondersteunende weefsels (parodontitis). Hierdoor gaan de tanden en kiezen los zitten en kunnen er zelfs ontstekingen op andere plaatsen in het lichaam ontwikkelen (parodontitis). Gebitsproblemen veroorzaakt door tandplak en tandsteen kunnen deels worden voorkomen door een goede en regelmatige gebitsverzorging en/of door het geven van speciale gebitsverzorgende voeding. We controleren daarom bij de jaarlijkse vaccinatie ook altijd het gebit.
Als er tandsteen aanwezig is met een gingivitis of nog erger parodontitis dan wordt het gebit gereinigd onder verdoving. Met een speciaal apparaat dat gebruik maakt  van hoog frequente trillingen worden de tanden en kiezen schoon getrild en tandsteenvrij gemaakt. Hierna wordt het gebit gepolijst.
Om te voorkomen dat de kat weer opnieuw tandsteen krijgt kunt u proberen het gebit te poetsen en/of een speciale gebitsverzorgende dieetvoeding geven.

 

FORL
Een steeds vaker voorkomend gebitsprobleem bij de kat is FORL. De volledige naam van FORL is een hele mond vol, maar wat betekent het nu precies:

  • Feline: geeft aan dat het om een aandoening bij katten gaat;
  • Odontoclasticshe: odontoclasten (cellen die tandweefsel afbreken) spelen een rol bij het ontstaan van de beschadigingen;
  • Resorptief: betekent oplossend;
  • Laesie: een laesie is een defect of beschadiging.

 

De Nederlandse benaming is tandhalslaesie. De tandhals is de overgang van wortel (in de kaak) naar kroon (zichtbare deel van de tand).Bepaalde cellen breken actief tandweefsel af op de tandhals waardoor hier een beschadiging ontstaat. Voor mensen is het vaak moeilijk te begrijpen dat een jonge kat die alleen brokjes eet  ‘gaatjes” heeft.
FORL is niet helemaal hetzelfde als cariës bij de mens. Bij cariës is er sprake van tandbederf door inwerking van bacteriën, enzymen en bepaalde zuren. Bij FORL is er actieve afbraak van weefsels.
FORL komt voor bij katten van alle leeftijden, we zien het op onze praktijk al bij katten van een paar jaar oud. Het probleem begint in de kaak waar de brokjes en de tandenborstel niet bij kunnen komen. U kunt het ontstaan van FORL dus niet helemaal voorkomen. De precieze oorzaak van het ontstaan van de tandhalslaesies is nog niet bekend.
De laesies zijn erg pijnlijk (het is vergelijkbaar met een gaatje in je eigen gebit) waardoor de kat op den duur vaak slechter gaat eten of moeilijker gaat kauwen. Bij uitgebreide tandvleesontstekingen gaat de kat vaak ook uit zijn bekje stinken (door de grote hoeveelheid bacteriën die onder het gezwollen tandvlees aan het rommelen zijn) of eventueel zelfs kwijlen.
Door ontsteking van het tandvlees en het vaak afwijkend kauwen (door de pijn kauwt de kat met de andere kant) kan er tandsteen op de andere gebitselementen ontstaan. Dit tandsteen en de ontsteking van het tandvlees kan bij de niet met FORL aangetaste kiezen weer voor aantasting van de wortels zorgen.
De diagnose is in eerste instantie soms moeilijk te stellen. De laesies beginnen vaak net onder het tandvlees, het tandvlees wordt hierdoor roder en gezwollen, waardoor de laesie eerst niet te zien kan zijn. Als de laesie groter wordt, komt deze meestal wel onder het tandvlees uit, waardoor hij zichtbaar wordt.
De behandeling bestaat uit het trekken van de aangetaste elementen. De laesies zijn meestal zo groot dat de kies of tand niet te behouden is. Hiermee wordt ook voorkomen dat naastliggende kiezen aangetast worden. Bij tijdig ingrijpen kan het beperkt blijven tot één element. Hopelijk word het in de toekomst mogelijk om ook preventief wat aan deze vervelende aandoening te doen.

tandresorptie

 

Het gingivitis-stomatitis-pharyngitis- complex
Het gingivitis-stomatitis-pharyngitis- complex is een zeer pijnlijke en daardoor vervelende aandoening bij de kat. Het is een terugkerende of chronisch aanwezige ontsteking van het slijmvlies in de bek van de kat. Zowel het tandvlees (gingivitis) als het wangslijmvlies (stomatitis) en soms ook het achterste sijmvlies in de bek bij de overgang van onderkaak naar bovenkaak (pharyngitis) zijn ontstoken en pijnlijk. 


Een grondige bekinspectie is uitermate belangrijk zodat een adequate behandeling in een zo vroeg mogelijk stadium kan ingesteld worden. Het best kan dit onder narcose gedaan worden, mede omdat de bek bij katten met deze aandoening pijnlijk is.
Goede mondhygiëne heeft vaak een aanzienlijk positief effect. Het verwijderen van tandplak door een gebitsreiniging gevolgd door dagelijks tandenpoetsen geeft veelal een sterke verbetering van de situatie. Helaas zijn katten met deze aandoening vaak pijnlijk in de mondholte, wat het poetsen er niet gemakkelijker op maakt…
Medicatie geeft soms een (al of niet tijdelijk) effect. Helaas is de aandoening vaak niet te genezen maar kan er wel een draaglijk stadium worden bereikt. Bij onvoldoende reactie op de medicatie kan als laatste redmiddel alle kiezen worden getrokken. Hoewel dit een drastische maatregel lijkt, reageren katten hier vaak opmerkelijk goed op. Voor het eten maakt het niet uit: poezen waarbij alle kiezen zijn getrokken eten net zo makkelijk brokjes als katten met een volledig intact gebit. 

kat